‘Niet lullen maar poetsen.’ Arjan hoeft er niet lang over na te denken wat de kracht van UW is. ‘Mouwen opstropen en doorgaan, voor onze medewerkers.’ Zeker in de roerige periode ruim twee jaar terug, zag hij dat terug op de vloer: rust houden, helder uitleggen wat er speelt, en het werk voor de medewerkers door laten gaan. ‘Daar mogen we met z’n allen trots op zijn.’.
Wat Arjan verbindt aan UW
‘UW stroomt door mijn bloed,’ zegt hij met zichtbaar plezier. Hij startte in 2015 op de werktraining en stroomde binnen een jaar door naar Licht productie Geel toen er iemand uitviel. Sindsdien is hij op zijn plek. ‘Ik haal mijn energie uit het begeleiden van mijn medewerkers. Net dat stapje extra doen zodat zij veilig en met zo min mogelijk ruis kunnen werken.’ Hij is uitgesproken trots op collega’s met wie hij nauw samenwerkt, zoals coördinator John Onink: ‘Tijdens een overleg kan ik ontspannen zitten omdat hij het regelt op de vloer.’ Ook Tineke en zijn leidinggevende Johan noemt hij als vaste klankborden: ‘We zoeken elkaar op voor bevestiging, andere invalshoeken, of gewoon even meedenken.’’
'We hebben ruimte nodig om te proberen, te leren en soms te falen.’
Het nieuwe UW, gezien vanaf de werkvloer
Voor Licht productie verwacht Arjan ‘geen wereldschokkende veranderingen’ in het dagelijks werk. Tegelijk ziet hij een grote kans in de beweging richting Werk & Inkomen: ‘Het is een mooie uitdaging om Werk & Inkomen samen te laten vloeien met UW. Als iedereen dat wil, moet dat slagen.’ Daarbij is realisme nodig: samengaan vraagt tijd, gewenning en oog voor ieders belangen.
Wat er nodig is voor deze verandering:
- ‘Alle neuzen dezelfde kant op.’
- Ruimte: om te proberen, te leren en soms te falen.
- Ervaring aan tafel: iemand die dit eerder heeft gedaan én kijkt vanuit zowel W&I als vanuit UW.
Nieuwe missie en visie
‘Superjammer dat we hier nu pas aan beginnen, dit had eerder gekund,’ zegt Arjan eerlijk. De kern van wat hij voor zich ziet: aan de voorkant een soepele uitkeringsaanvraag, aan de achterkant uitstroom met nieuwe werkervaring naar regulier werk. Dat vergt volgens hem ook iets van de beeldvorming buiten: ‘UW is allang geen ‘sociale werkplaats’ meer. We moeten ons beter profileren met echte, positieve verhalen.’
'Samen afspreken wat je van elkaar verwacht, dicht op de werkvloer.'
Cultuur en samenwerking
Binnen de organisatie ervaart Arjan korte lijnen en goed benaderbare leiding, tot en met de directie. ‘We zijn allemaal gelijk, we zijn allemaal in loondienst van hetzelfde bedrijf.’ Tegelijk ziet hij dat er nog eilandjes zijn: ‘We zijn geen losse BV’tjes, maar één geheel. Zoek elkaar op, maak gebruik van elkaars kracht.’ Uitwisseling tussen werkleiders kan sterker, vindt hij: ‘Je hoeft het wiel niet steeds opnieuw uit te vinden. Als je ziet hoe een collega iets eenvoudiger doet, leer je allebei.’ Projectmatig samenwerken aan ‘samenwerking werkleider en ontwikkeling’ noemt hij als concreet aanknopingspunt: samen afspreken wat je van elkaar verwacht, dicht op de werkvloer.
Ontwikkeling begint bij de voordeur
Voor nieuwe instroom pleit Arjan voor duidelijke leerdoelen die meegaan bij een afdelingswissel en gedragen worden door de ontwikkelcoach. En ‘ontwikkeling’ is soms ook heel praktisch: een medewerker even helpen met DigiD of een verzekeringskwestie zodat de kop weer vrij is om te werken. ‘Alles wat ik vanuit mijn kantoor kan doen om rust en veiligheid te creëren, doe ik.’ De grens is helder: geen thuisbegeleiding, wel het extra telefoontje dat verschil maakt. Op productieafdelingen zou meer variatie in werksoorten welkom zijn. ‘Dag in dag uit hetzelfde verpakken is niet zo uitdagend. Sommigen vinden dat prima, maar jongeren willen meer perspectief dan elke dag hetzelfde werk tot je pensioen.’
‘Ontwikkeling is soms ook heel praktisch'
Inspiratiebron
Wie hem inspireert? ‘Tineke en mijn leidinggevende Johan,’ zegt Arjan meteen. Daarnaast wil hij zelf graag vooroplopen: ‘Ik loop soms een paar stappen vooruit en hoop zo een inspiratiebron te zijn.’
Grenzen verleggen, samen leren
Een terugkerend thema in het gesprek is samen leren op en rond de werkvloer. Arjan ziet graag dat ontwikkelconsulenten vaak en zichtbaar op de afdelingen zijn, kort op casuïstiek zitten en creatief meedenken. Intervisie in klassieke vorm past niet voor iedereen, maar regelmatige, praktische casusbespreking tussen werkleiders en consulenten werkt wél: kort, concreet, en dicht bij het werk.
Pensioenspeech
Het gesprek komt op het pensioen. Hoewel dat nog een paar jaar duurt, weet Arjan nu al duidelijk hoe hij wil terugkijken. Hij hoopt vooral te kunnen zeggen:
- ‘Ik ben trots op het vertrouwen dat medewerkers mij hebben gegeven, dat vertrouwen moet je verdienen.’
- ‘We hebben de audits gehaald én geborgd.’
- ‘Mijn brede takenpakket is overgedragen, niet in de laatste maanden, maar tijdig en zorgvuldig.’
- ‘We hadden veel plezier in ons werk.’
Of, zoals hij het zelf samenvat: ‘Niet lullen maar poetsen, voor onze mensen.’